Pasta met garnalen en spinazie in een pestoroomsaus

“In 20 minuten heb je een gerecht op tafel staan”, zei ik laatst tegen mijn gasten toen ze vroegen hoe lang het koken duurde. “Ow, dan maak je zeker geen aardappels klaar”, was het antwoord. Nee inderdaad, doe mij maar een lekkere pasta in plaats van het traditionele aardappelen, vlees en groenten. Vanavond staat er pasta op het menu, met garnalen en spinazie in een saus van groene pesto, droge witte wijn, Parmezaanse kaas en kookroom.

pasta met spinazie en garnalen

Soms heb je na het werken geen zin meer om boodschappen te doen (ja, ik doe elke avond boodschappen omdat ik dan kan bepalen waar ik zin in heb en wat ik eet) en om daarna uitgebreid te koken. Een pasta biedt dan echt uitkomst. Het wordt vaak gemaakt met verse producten die je kort bakt en pasta heeft zelf ook hooguit maar 8 minuten nodig. Die combinatie maakt dit tot een ideaal gerecht voor als je niet veel tijd hebt, maar toch vers wil eten.

Qua boodschappen

Dit is voldoende voor 2 personen

  • 100-120 gram pasta
  • Zak spinazie van 300 gram
  • Ongeveer 10 garnalen per persoon (diepvries)
  • 1 (rode) ui
  • 1 teen knoflook
  • 1 fles Kookroom Light (250 ml)
  • 1 pot groene pesto
  • 1 glas droge witte wijn
  • 1 zak geraspte Parmezaanse kaas
  • Versgemalen peper
  • Zout
  • Olijfolie

Qua voorbereiden

Als eerste gaat een pan met water op voor de pasta. Als het water kookt, kan de pasta erbij met wat zout en olijfolie.

In de tussentijd doe je de bevroren garnalen in een kommetje en zet je er een klein stroompje water op. Zo ontdooien ze binnen een paar minuten. Met keukenpapier dep je ze daarna droog en leg je ze apart.

Op een plank snijd je de ui en knoflook in fijne blokjes. Dat was alles! Klaar om te koken 🙂

Qua bereiden

Terwijl de pasta kookt, zet je wok op het vuur met wat olie en bak je de garnalen in 2 à 3 minuten. Niet te lang, want dan worden ze droog. Als ze kleur hebben, kunnen ze op een bordje apart.

In het vocht van de garnalen bak je de knoflook en ui voorzichtig aan. Zet het vuur vooral niet te hoog, want dan brandt het te snel aan. Als de ui wat doorzichtig is, kan de witte wijn erbij. Dit roer je goed door elkaar en laat je inkoken voor een paar minuten.

In het mengsel gaat dan een schep groene pesto en de helft van de kookroom. Het gerecht moet immers geen soepje worden, maar met een klein beetje saus. Als je meer saus wilt, voeg je uiteraard gewoon meer pesto en room toe. Dat meng je goed door elkaar.

Dan kan de spinazie erbij. Doe steeds een handvol en meng dat goed door de saus. De spinazie slinkt snel en je houdt er niet veel van over.

Als de spinazie klein is, kan het vuur uit en kunnen de pasta en garnalen er ook weer bij. Dat meng je goed door elkaar en daar kan dan ook een flinke eetlepel Parmezaanse kaas door heen, inclusief wat versgemalen peper om het op smaak te brengen. Hoe meer kaas en peper, hoe meer smaak. Je moet zelf maar kijken wat je lekker vindt, ik wil het niet laten overheersen.

Het resultaat is een pasta met zachte smaken die niet overheersen, maar waarvan elke hap anders smaakt. Heerlijk!

En? Wat vond je ervan?

%d bloggers liken dit: